Wat zijn gevaarlijke stoffen?

Gevaarlijke stoffen in het algemeen

Een van de algemene definities van wat men beschouwd als gevaarlijke stoffen is “Stoffen die door hun eigenschappen al in kleine hoeveelheden gevaar, schade of hinder kunnen opleveren voor mensen, dieren, materialen of milieu”. Om te bepalen of een stof gevaarlijk is wordt, in het algemeen, gekeken of de eigenschappen van een stof boven of juist onder bepaalde waarden vallen. Zo wordt onder andere gekeken naar de PH-waarde (zuurgraad) met bijvoorbeeld PH-papier om te bepalen of een stof moet worden geclassificeerd als bijtend. Het proces van het bepalen of iets een gevaarlijke stof is en deze in te delen noemen we ook wel classificeren.

Voor het classificeren van gevaarlijke stoffen bestaat er verschillende regelgeving. Bij het vervoer over de weg wordt daar bijvoorbeeld het ADR voor gehanteerd en voor het gebruik de CLP/GHS. Vaak overlapt de gebruikers- en vervoersclassificatie van gevaarlijke stoffen. Zo is een brandbare vloeistof voor het gebruik, vaak ook een brandbare vloeistof voor het vervoer.

Classificatie voor het gebruik

Er is één groot verschil in gebruikers- en vervoersclassificatie. Het vervoer gaat primair uit van acuut gevaar, zoals brand, giftigheid en bijtendheid. Dit doet het gebruik ook, maar het gebruik focust zich daarnaast ook op de gezondheidseffecten van gevaarlijke stoffen op de lange termijn, zoals de ontwikkeling van kanker. Hierdoor kan het zo zijn dat bij het werken met een kankerverwekkende stof zeer strenge veiligheidsvoorschriften gelden. Zodra deze stof echter op een voertuig wordt geladen kan het zo zijn dat het ADR (en al zijn eisen) niet hoeven te worden gehanteerd. Gebruikersclassificatie wordt in deze training verder niet behandeld.

Classificatie voor het vervoer

Gevaarlijke stoffen kunnen voor het vervoer worden ingedeeld in 9 klassen, met daarin enkele subklassen. Maar let op: een stof kan naast zijn hoofdgevaar ook de eigenschappen hebben van een andere klasse. Zo kan een vloeistof met als hoofdgevaar brandbaar, bijvoorbeeld ook bijtend zijn. Gelet op het hoofdgevaar valt de stof in de klasse 3, de bijtende eigenschap (klasse 8) wordt in dat geval beschouwd als het bijkomende gevaar. Onderstaand zijn de verschillende (sub)klassen met de bijbehorende etiketten uiteengezet, lees deze goed door! Het grootste deel van dit hoofdstuk richt zich op het begrijpen van de verschillende soorten gevaarklassen.

Scroll naar boven