Algemene beveiligingsvoorschriften

Wanneer gevaarlijke stoffen boven de vrijstellingsgrenzen (bijvoorbeeld LQ of 1000 punten) worden vervoerd dient er rekening te worden gehouden met de beveiliging van de gevaarlijke stoffen. De algemene beveiligingsvoorschriften bestaan uit twee eisen:

  • Chauffeurs en andere bemanningsleden moeten een identiteitsbewijs met pasfoto bij zich hebben. Gevaarlijke stoffen mogen dan ook enkel aan een vervoerder worden meegegeven als de identiteit van de chauffeur en eventuele andere bemanningsleden is vastgesteld; en
  • Plaatsen waar de gevaarlijke stoffen worden geladen, gelost, of waar tijdelijk (voertuigen) met gevaarlijke stoffen staan moeten op deugdelijke wijze worden beveiligd, goed verlicht en, voor zover mogelijk en passend, voor het publiek ontoegankelijk zijn.

De concrete beveiligingsinstructies dienen door de werkgever te worden opgesteld, want die zijn stof- en situatie afhankelijk. De instructies moeten zich richten op de beveiligingsrisico’s, het herkennen ervan, maatregelen ter verkleining van de risico’s en de te nemen maatregelen bij een beveiligingsinbreuk.

Scroll naar boven